In eerdere blogs schreef ik over het herkennen van ouderstemmen en over bestrijden van de Straffende ouderstem. In deze post vervolg ik met het werken met de Kritische ouderstem. Ik beschrijf de theoretische manier van omgaan met deze stem en als toetje nog iets dat ik zelf uitvond over de wáárde van mijn kritische ouderstem.
Stukkie chagrijn
Toen ik voor het eerst de kritische ouder verkende door daadwerkelijk op haar stoel plaats te nemen zoals in onderstaande eerste tekening, werd ik helemaal dit personage. Het was hartstikke leuk om te doen en het was erg gemakkelijk om in de huid te kruipen van dit stukkie hautain chagrijn.

Ik vertelde onder andere het volgende.
(GV=Gezonde Volwassene, AK= Angstig Kind; Steeds als je een zin leest van een ander karakterdeel ben ik in de sessie eerst op die stoel gaan zitten, heb me ingeleefd en van daaruit verteld.)


Mijn Gezonde Volwassene-modus was op dat moment nog nauwelijks invoelbaar voor mij. Ik had wel het idee dat ik een gezond volwassen stuk had, maar kon dat nog niet bewust aanboren.
Mijn therapeute deed voor hoe de GV zou handelen en werkte er naartoe dat ik zou gaan inzien dat deze stem echt schadelijk is en een stevig tegenwicht behoort te krijgen. Ze zij:”Stop, ik wil niet dat je zo tegen Anna spreekt. Kijk nou eens hoe ze erbij zit [wijzend op het AK], ze krimpt helemaal in elkaar door jou, je maakt haar miserabel. Houdt daar on-míddelijk mee op. Zo hoeven we je niet. Als je zo praat, hou je je mond maar.”
Een eigen stem een halt toeroepen, is dat goed?
Ik was dat niet gewend. Ik keek altijd met nieuwsgierigheid en warme interesse naar alles wat er in mijn gevoelsleven en denken omging. Het was jaren geleden voor mij het begin van weer leren weten wat ik wil door naar dingen die zich in mij lieten horen te luisteren. Die waren namelijk in mijn jeugd het zwijgen opgelegd als copingsmechanisme: het ‘niet-naar-jezelf-maar-vooral-naar-anderen-luisteren-en-je-aanpassen-dan-komt-het-wel-goed mechanisme’.
Al mijn gevoelens en gedachtes (good and bad) waren dus nogal onaantastbaar geworden. Dat mijn psych dus een stem stevig tegensprak was verbazingwekkend voor mij. Maar ik vond het wel wat. Ik hád immers last van die kritische ouder en niet zo’n beetje ook waarschijnlijk.
Het gesprek ging als volgt verder.

Mijn psych als GV vervolgde nog door te zeggen:”Als je echt een bijdrage wilt leveren, dan zorg je er maar voor dat je je boodschap niet meer in prikkeldraad verpakt.”
En even later bewees zich de waarde die schuilging achter dit stukkie hautain chagrijn.
Na het gesprek uit de tekening overviel mij namelijk een moedeloos gevoel dat ik nog zó niet wist wat de GV was. Ik had me zó onthand gevoeld tijdens het gesprek in de tekeningen. Ik zei tegen mijn psychologe:”Maar…..wie ben ik nou, ik heb geen gevoel bij GV, geen referentie van wat ik als GV ben, geen lijfsgevoel. Wat moet ik nou?”
En mijn KO (zonder prikkeldraad) zei niet onvriendelijk:”Ja, zo is het nu nog even, die stoel is nog wat leeg, dat is oké.”
Dit was dus een onverwachte waarde van de kritische ouder. Als ze sprak zonder prikkeldraad bleek er in haar boodschap opeens een aspect van gezonde volwassene te zitten. Iemand met een scherp observatievermogen en realiteitszin. Wat mooi.
GV versus KO, wie is de baas….
Mijn therapeute vertelde tot slot nog dat mijn KO de rol van GV, van stuurman, al die jaren heeft gespeeld en dat het dus niet zo raar is dat ik nog niet zoveel gevoel bij de GV-rol heb. Zij zei ook dat de KO zo groot heeft kunnen worden door de afwezigheid van de GV en dat de KO stevig op haar plek gezet moet worden, wil de GV terrein winnen.
Wauw, nog heel wat te doen dus. Maar ook fijn (en pijnlijk) om deze stem en het effect op mij duidelijker te kunnen onderscheiden en misschien nog niet te kunnen, maar wel te weten, dat ik het me niet zo hoef te laten welgevallen.

4 Comments